Leerdienst Tora en Evangelie

Inleiding.
Sinds 2012 worden er in het Open Hof te Kampen leerdiensten Tora en Evangelie gehouden.  Een belangrijke basis voor deze diensten is artikel I.7 van de kerkorde van de PKN: ‘De kerk is geroepen gestalte te geven aan haar onopgeefbare verbondenheid met het volk Israël. Als Christus-belijdende geloofsgemeenschap zoekt zij het gesprek met Israël inzake het verstaan van de Heilige Schrift, in het bijzonder betreffende de komst van het Koninkrijk van God.’

Historisch Perspectief.
Het evangelie van Jezus Christus werd aanvankelijke alleen aan Joden verkondigd. Velen kwamen tot geloof in Hem als de Messias, velen ook niet.
Daarbij hielden zij de Tenach in de hand om Jezus’ woorden en daden te kunnen verifiëren.
Het duurt nog tot Handelingen 10 voordat Petrus voor het eerst het evangelie aan niet Joden verkondigt en hen doopt in Jezus’ naam.
Een probleem was dat de niet-Joden weinig of niets wisten van de Tenach. Zij kwamen wel tot geloof, maar wat wisten zij nu helemaal van Gods geschiedenis met zijn volk.
En aan de andere kant speelden de vraag welke wetten op hen van toepassing waren.
Uit eindelijk besloot men deze heiden christenen nauwelijks bijzondere wetten op te leggen, maar om Jezus beter te leren kennen achtte men het wel belangrijk dat ze de Tenach leerde kennen.
Kwam je als heiden dus tot geloof in Jezus dan werd je ingewijd in allerlei Joodse begrippen (Messias, tsedeka, sjaloom, etc. etc.), de wereld van denken en geloven en doen van Israël. Om zó Jezus’ Vader, de unieke God JHWH, te leren kennen en zijn openbaring aan Israël. Zo kon je pas goed begrijpen op welke wijze Jezus de Tora en de profeten verstond. Anders gezegd: het geloof in het Evangelie leidde mensen toe naar de Tenach.
Toen later rond de 4e eeuw de Kerk bijna geheel bestond uit heiden-christenen die de banden met de Joden-christenen en met de Tenach doorsneden, gingen de woorden van het inmiddels verschenen Nieuwe Testament helaas een eigen leven leiden. Theologen zochten de betekenis van de woorden van Jezus steeds minder in de Hebreeuwse wereld, en vulden de betekenis van de woorden vaak met een Griekse en Latijnse inhoud. Het kwam zover dat de Kerk meende dat het hele Oude Testament kon worden afgeschaft. Een merendeel van de Kerk schreef de Joden af en predikte de Kerk als het ‘ware Israël’ (vervangingstheologie).

Het doel van de leerdiensten.
In de leerdiensten Tora en Evangelie proberen we terug te gaan naar de gang van zaken in deze eerste eeuwen van de Kerk, en dat met het oog op vandaag en morgen. We proberen zo handen en voeten te geven aan wat door Maarten den Dulk is genoemd ‘een huis naast de Synagoge’.
Tegelijk geven we zo ook gestalte aan centrale artikelen aangaande dit thema in de Kerkorde van de Protestantse Kerk Nederland.
De kerk wortelt in Israël. De woorden van het Nieuwe Testament hebben hun bron in het Oude Testament. En zo gaan we ook in deze diensten telkens naar de oudtestamentische bron; de bron waar Jezus, zelf mee leefde, de bron waar Hij de Bron van is.
We lezen dus net als de eerste heiden-christenen het Nieuwe Testament als ingang tot het Oude Testament. Een lastige oefening maar wel met verrassende resultaten. We luisteren daarbij naar de uitleg van rabbijnen: wat staat er in het Hebreeuws, hoe is dat uitgelegd in al die eeuwen, en welke discussies werden in de dagen van Jezus hierover gevoerd?

Gang van zaken tijdens de leerdiensten.
In deze diensten staat er telkens een gedeelte uit de Tora centraal. In de synagoge wordt in één jaar de gehele Tora gelezen. In de leerdienst lezen we een deel van de Sidra, het gedeelte van de Tora dat in de synagoge op de voorgaande sabbat aan de orde was. We verdiepen ons in de rabbijnse uitleg van dit schriftgedeelte en we vragen ons af wat dit voor ons als kerk te betekenen heeft.
Bij dit schriftgedeelte wordt een nieuwtestamentische tekst gekozen. Dat doen we in het besef dat het in beide testamenten om dezelfde God gaat: om de God van Abraham, Isaak en Jakob, de HERE God, die de Vader van Jezus Christus is en door Hem ook onze Vader is.
We verdiepen ons dus in de Schriften waaruit en waarmee Jezus leefde en erkennen daarbij de rechtmatigheid van de rabbijnse uitleg, vanaf zijn begin tot in het heden toe. Op deze manier hopen we dat de Schriften voor ons op een nieuwe manier gaan spreken en geven we gehoor aan wat er voorin de kerkorde van de PKN over de roeping van kerk en gemeente staat, namelijk dat we ‘als Christus-belijdende geloofsgemeenschap het gesprek met Israël zoeken inzake het verstaan van de Heilige Schrift (Artikel I lid 7)‘.

(bron: folder Leerdiensten Tora en Evangelie, Open Hof Kampen)