Leven in de goede volgorde

Meneer van Dalen wacht op antwoord.

Wie kent ze niet (althans de mensen van de wat oudere generatie), de rekenregels die we op school ingeprent kregen om de berekening in de juiste volgorde te maken en zo bij het goede antwoord te komen.
Maar wie bedenkt dat je met deze regels niet alleen de goede antwoorden krijgt maar dat ze ook de goede manier van leven aangeven.

Heleen Pasma schreef ze op in haar boek ‘In de ronding van de tijd’
Uitgeverij Narratio 2014.

De leefregels van meneer van Dalen

Meneer            Machtsverheffen
Van                  Vermenigvuldigen
Dalen               Delen
Wacht              Worteltrekken
Op                   Optellen
Antwoord         Aftrekken

Meneer van Dalen wacht op antwoord….
het ezelsbruggetje dat we op school leerden
om in de goede volgorde te kunnen rekenen.

Machtsverheffen, kwadraten en ander buitensporig
vergrotende getallen.
Vermenigvuldigen, keer op keer.
Delen, maar niet door nul.
Worteltrekken, zoeken naar je begin.
Optellen, botje bij botje leggen.
Aftrekken, wat houd je over?

Het machtswoord ‘van den beginne’, het eerste
woord, is LICHT. En er wàs licht.
Goed was het, dat licht. En goed mogen we leven. Het
goede doen, aan jezelf en aan je medemens.
Aan wie zich buitensporig vergroot, doet een ander
tekort.
Wie zich eigenmachtig verheft, beneemt een ander
licht en zicht.

Vermenigvuldigen, dat is de opdracht ‘van den beginne’.
Keer op keer een nieuwe generatie. Maar rijkdom
vermenigvuldigen wordt daar niet mee bedoeld.
Keer op keer je geld vermenigvuldigen, ten koste van de
wereld om je heen, beneemt een ander licht en zicht.

Delen, dat is de opdracht ‘van den beginne’, omzien
naar je naaste.
De sterke moet de zwakke bijstaan. Dat is de
kijkrichting die de Schepper aangeeft.
Delen, maar niet door nul, want dat kan niet.
Wie dwingt te delen aan wie niets heeft, beneemt een
ander licht en zicht.

Worteltrekken. Zoeken waar je moment ‘van den
beginne’ ligt, waar is je oorsprong.
Weten dat je bent bedoeld om je Schepper te
weerspiegelen. Om mens, vrouwelijk en mannelijk, te
zijn in samenhang met elkaar.
Wie een medemens belemmert om de eigen oorsprong
te zoeken en te beleven, beneemt de ander licht en
zicht.

Optellen, zo is het ‘van den beginne’ geweest, van één
naar twee, van twee naar vier.
Een optelsom van vermenigvuldigingen, in mensen,
geld en goed. In akker en vee, in vrouwen en kinderen.
Optellen, hoeveel heb jij …
Maar niet eindeloos. Niet onbegrensd, want in het
zevende jaar is het tijd voor teruggeven. Wie alleen
optelt voor eigen gewin, beneemt de ander licht en
zicht.

Aftrekken, verminderen, dat is het laatste wat
je doet. Je hulp aan anderen verminderen.
Ontwikkelingssamenwerking verminderen, de goede
doelen die je steunt.
Het is het laatste wat je doet.
Want wie hulp vermindert ten koste van de ander,
beneemt de ander licht en zicht.

Meneer van Dalen wacht op antwoord.
Meneer wie …? Meneer waar …?

Meneer van Dalen, dat is toch die man van twee
straten verder, die pas zijn vrouw heeft verloren en nu
de weg kwijtraakt …
Meneer van Dalen, dat is toch die onderwijzer in
Angola, die vraagt om kansen voor zijn kinderen, om
lesmateriaal en boeken …
Meneer van Dalen, dat is toch die moeder in Pakistan
die verkracht wordt, keer op keer …
Meneer van Dalen, dat is toch dat misbruikte kind in
India, vernederd en veracht …

Meneer van Dalen wacht op antwoord, tot wij leven in
de goede volgorde.
Meneer van Dalen wacht.

Tot iemand zich herinnert het machtswoord van den beginne, Licht!
Tot wij de liefde van God vermenigvuldigen.
Tot wij delen wat wij ontvangen hebben.
Tot wij ons herinneren waarin we geworteld zijn, een
weerspiegeling van God.
Tot wij onze zegeningen optellen, één voor één, en
zien dat we handen tekort komen.
Tot wij verminderen onze eindeloze hebzucht.

Meneer van Dalen wacht op antwoord …